Polsbreuk, handbreuk en vingerbreuk
Een breuk van pols, hand, duim of vinger ontstaat vaak na een val, stoot, verdraaiing of sportletsel. Klachten zijn meestal pijn, zwelling, blauwkleuring, drukpijn, minder kracht of bewegingsbeperking. Bij standsafwijking, forse pijn, tintelingen, koude vingers of verdenking op een scaphoidbreuk is medische beoordeling belangrijk.
Polsbreuk, handbreuk en vingerbreuk
Een breuk van pols, hand, duim of vinger ontstaat vaak na een val, stoot, verdraaiing of sportletsel. Klachten zijn meestal pijn, zwelling, blauwkleuring, drukpijn, minder kracht of bewegingsbeperking. Bij standsafwijking, forse pijn, tintelingen, koude vingers of verdenking op een scaphoidbreuk is medische beoordeling belangrijk.
Samenvatting
- Beschrijving klachten: Pols-, hand-, duim- en vingerbreuken kunnen pijn, zwelling, blauwkleuring, drukpijn, standsafwijking, minder grip en bewegingsbeperking geven. Bekende polsbreuken zijn scaphoid-, Colles-, Smith-, Barton- en ulnafracturen.
- Ontstaanswijze: Breuken ontstaan vaak door een val op de hand, direct trauma, sportletsel, verkeersongeval, verdraaiing of overbelasting. Risicofactoren zijn onder andere osteoporose, hogere leeftijd, medicatiegebruik, valrisico en verminderde botkwaliteit.
- Symptomen: Symptomen verschillen per breuktype, maar bestaan vaak uit pijn, zwelling, blauwe plek, drukpijn, beperkte functie, niet goed kunnen steunen of grijpen, standsafwijking en soms tintelingen of gevoelsverlies.
- Diagnose: De diagnose wordt gesteld met het verhaal, lichamelijk onderzoek en meestal een röntgenfoto. Bij verdenking op scaphoidbreuk of verborgen breuk kan aanvullend MRI-, CT- of herhaalonderzoek nodig zijn.
- (Zelf)behandeling en herstel: Behandeling hangt af van type breuk, stand, stabiliteit en hersteldoel. Mogelijkheden zijn gips, spalk, brace, operatie, handtherapie, fysiotherapie en stapsgewijze oefenopbouw.
Beschrijving van de aandoening
Een breuk van pols, hand, duim of vinger ontstaat wanneer één of meer botten beschadigd raken. Dit gebeurt vaak door een val, stoot, verdraaiing, sportletsel of ongeluk. De ernst kan variëren van een klein scheurtje tot een verplaatste of instabiele breuk.
Bij polsbreuken gaat het vaak om de distale radius, het spaakbeen aan de kant van de pols. Bekende vormen zijn de Colles-fractuur, Smith-fractuur, Barton-fractuur en reversed Barton-fractuur. Ook een breuk van het scaphoid, een handwortelbeentje aan de duimzijde, komt regelmatig voor.
Hand-, duim- en vingerbreuken kunnen ontstaan in de middenhandsbeentjes, duim, vingerkootjes of gewrichten. Daarbij is niet alleen botgenezing belangrijk, maar ook het behoud van beweeglijkheid, grip, fijne motoriek en stand van de vingers.
Een scaphoidfractuur verdient extra aandacht. Deze breuk kan soms op een eerste röntgenfoto niet zichtbaar zijn, terwijl er wel klachten zijn in de anatomische snuifdoos aan de duimzijde van de pols. Bij blijvende verdenking is aanvullende beoordeling belangrijk.

Uitleg afbeelding: De afbeelding toont verschillende botten van pols en hand waar een breuk kan ontstaan. De exacte plek en stand van de breuk bepalen welke behandeling nodig is.
Veelvoorkomende soorten pols- en handbreuken
- Scaphoidfractuur: Breuk van het scheepsbotje aan de duimzijde van de pols. Klachten zitten vaak in de anatomische snuifdoos. Deze breuk kan soms lastig zichtbaar zijn op een eerste röntgenfoto.
- Colles-fractuur: Een distale radiusfractuur waarbij het handgedeelte meestal naar de rugzijde verplaatst. Dit ontstaat vaak na een val op een uitgestrekte hand.
- Smith-fractuur: Een distale radiusfractuur waarbij het handgedeelte juist meer naar de handpalmzijde verplaatst. Dit wordt ook wel een reversed Colles-fractuur genoemd.
- Barton-fractuur: Een breuk van de distale radius die doorloopt in het polsgewricht, vaak met verplaatsing van een gewrichtsfragment.
- Reversed Barton-fractuur: Een gewrichtsbreuk aan de volaire zijde van de distale radius, passend bij een Smith-achtig letsel in het gewricht.
- Ulnafractuur: Breuk van de ellepijp, bijvoorbeeld bij de pols, de processus styloideus ulnae of in combinatie met radiusletsel.
- Middenhandsbreuk: Breuk van een middenhandsbeentje, bijvoorbeeld na een stoot, val of vuistslag.
- Duim- of vingerbreuk: Breuk van een vingerkootje of duimkootje. Hierbij is stand, rotatie en gewrichtsbetrokkenheid belangrijk voor de handfunctie.
Wanneer moet je opletten?
Na een val of trauma is het niet altijd meteen duidelijk of er sprake is van een breuk. Toch zijn er signalen waarbij medische beoordeling verstandig is.
Neem contact op met huisarts, huisartsenpost of spoedzorg bij
- Ernstige pijn na een val, stoot of verdraaiing van pols, hand, duim of vinger.
- Duidelijke zwelling, blauwe plek of drukpijn op één botpunt.
- Standsafwijking, scheefstand, verkorting of zichtbare misvorming.
- Niet goed kunnen steunen, grijpen, knijpen of bewegen.
- Pijn in de anatomische snuifdoos aan de duimzijde van de pols na een val.
- Asdrukpijn op duim of vinger na trauma.
- Een vinger die draait, scheef staat of niet goed meebuigt bij het maken van een vuist.
- Tintelingen, doof gevoel, krachtsverlies of toenemende druk in hand of vingers.
- Koude, bleke of blauw verkleurde vingers.
- Pijn die na enkele dagen niet duidelijk afneemt of juist toeneemt.
Bel 112 bij ernstig trauma, open breuk, duidelijke standsafwijking, hevige pijn met snelle zwelling, verlamming, koude/blauwe hand of vingers, of andere acute alarmsignalen.













